Wat is het verschil tussen VO2max en VO2piek?

In dit artikel wordt het verschil beschreven tussen VO2max en VO2piek (of in het engels VO2peak). De termen worden in populair wetenschappelijk literatuur en op internet vaak door elkaar gehaald. Dit is begrijpelijk, omdat de termen iets soortgelijks beschrijven, maar er is wel degelijk een verschil tussen beide termen.

Wat zijn de overeenkomsten tussen VO2max en VO2piek?

Zowel VO2max als VO2piek beschrijven het geïntegreerde uithoudingsvermogen van hart, longen, vaatstelsel en spier(cell)en. Dit wil zeggen dat VO2max en VO2piek het vermogen van een mens (en soms ook een paard(!)) om zuurstof op te nemen beschrijven. Dit is interessant om te weten omdat het lichaam het meest efficiënt energie vrij kan maken door middel van verbranding met voldoende zuurstof. Des te hoger de maximale zuurstof opname des te efficienter er energie vrij gemaakt kan worden bij een bepaald gevraagd vermogen. Met de termen kunnen we dus de inspanningscapaciteit van iemand aangeven.

INTERMEZZO: Zuurstof is een gas en wordt dus uitgedrukt in een volumemaat zoals liter. Door de opgenomen zuurstof te bekijken over één minuut wordt meer inzicht verkregen in het vermogen om zuurstof op te nemen. Een voorbeeld uit het dagelijks leven: een kleine gloeilamp kan bijvoorbeeld één Kilo Watt gebruiken. Een gloeilamp zal er alleen langer over doen dan bijvoorbeeld een zonnenbank. Het vermogen van de zonnebank is namelijk veel groter. De eenheid van VO2max en VO2piek is liter per minuut (l/min). Om mensen onderling met elkaar te kunnen vergelijken wordt dit getal nog gedeeld door het lichaamsgewicht en wordt de uiteindelijke grootheid van zuurstofopname beschreven door (milli)liter per kilogram per minuut (l/kg/min).

Wat is dan het verschil tussen VO2max en VO2piek?

Door de termen te letterlijk te nemen, wordt het verschil al snel duidelijk.

VO2max is de absolute maximale zuurstofopname capaciteit, terwijl VO2piek een maximale zuurstof opname op een bepaald moment betekent. Er kan dus pas gesproken worden van een VO2max als er aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Er is internationaal afgesproken dat een gemeten zuurstofopname pas VO2max mag heten als:

  • de test spreekt een spiergroep aan die het vermogen heeft om het hart- en longsysteem maximaal te belasten (dit komt vaak neer op een loopband of fietsergometer);
  • de zuurstofopname wordt gemeten tijdens een test, waarbij een toenemend vermogen van de geteste persoon wordt gevraagd;
  • de zuurstofopname niet meer toeneemt bij een nog steeds oplopend vermogen;
  • de verhouding tussen de opgenomen zuurstof (O2) en de uitgestoten koolstofdioxide (CO2) (ook wel respiratory-exchange ratio (RER)) genoemd boven de 1.2 komt;
  • de zuurstofopname is gemeten op zeeniveau;
  • de inspanningstest niet minder dan 8 minuten duurt;

In alle andere gevallen zou men moeten spreken van een VO2piek. Zoals aangegeven gebeurt dit echter niet altijd.

Wat maakt het uit?

Zoals aangegeven kan de zuurstofopname capaciteit van iemand worden gebruikt om zijn of haar inspanningscapaciteit aan te geven. Als de beperkingen duidelijk zijn, kan er efficiënt getraind worden. Er kan bijvoorbeeld getraind worden op een bepaald percentage van de behaalde maximale zuurstofopname. Het maakt echter wel een aanzienlijk verschil of iemand daadwerklijk het gehele systeem maximaal heeft kunnen belasten of dat de persoon symptoom gelimiteerd heeft moeten stoppen met zijn inspanningstest. Iemand met een lage dwarleasie kan tijdens een maximale inspanningstest met een handfiets waarschijnlijk geen VO2max behalen, omdat hij of zij niet de coördinatie heeft om de spieren efficiënt te blijven aansturen en met zijn armen het hart-longsysteem niet maximaal kan uitputten. De test stopt dus symptoom gelimiteerd. Het kan ook zijn dat een inspanningsfysioloog of cardioloog een maximale inspanningstest stopt omdat de symptomen waarnaar gezocht wordt zich uiten (bijvoorbeeld ST-segment depressie of iemand geeft een drukkend gevoel op de borst aan). De behaalde VO2piek geeft dan een mooi startpunt om de training in te richten. Bij een hertest kan goed vergeleken worden hoeveel een patiënt vooruit is gegaan. 

 

 

Takken, T (2007) Inspanningstests. Elsevier gezondheidszorg, Maarsen

Wasserman, K., Hansen J.E., Sue, D.Y., Stringer W.W. Whipp B.J. (2005) Principles of Exercise Testing and Prescription. Lippincott Williams & Wilkins, Philadelphia

 

© L.C.A. van Gaalen & B. Poot, 2012